Gemeente Wassenaar - 04-07-2007 installatierede

04-07-2007 installatierede

Alleen gesproken woord geldt

Rede van drs J. Th. Hoekema op 4 juli 2007 ter gelegenheid van zijn installatie als burgemeester van Wassenaar.

 

Geachte leden van de raad,

Geachte wethouders,

Geachte genodigden,

Lieve moeder, schoonmoeder, Diederik, Vanessa en Aurel, familie, vrienden,

Lieve Marleen,

Graag dank ik de gemeenteraad van Wassenaar voor het in mij gestelde vertrouwen. Hare Majesteit de Koningin benoemde mij, waarvoor vanzelfsprekend ook grote dank, maar dat vertrouwen dat de raad, mij schonk is wel een heel bijzonder kroonjuweel. Vertrouwen is een kostbaar goed dat je eigenlijk steeds moet verwerven, bewijzen en consolideren. Ik zie uit naar een vruchtbare en intensieve samenwerking met U, Raad in de komende jaren.

In Wassenaar is het politieke proces vernieuwd met de Politieke Markt, de prominente rol van de burger daarin, en de helderheid in de verantwoording naar de inwoners van de gemeente. Ik wil dat proces graag met U allen krachtig voortzetten, waarbij enerzijds snelle en kwalitatief goede dienstverlening naar de burger voorop staat, maar anderzijds het politieke debat bloeit. Het politieke proces in Wassenaar is ook bijzonder geweest door nieuwe politieke verhoudingen en een nieuwe college samenstelling sinds de verkiezingen van 2006. Heel uitdrukkelijk steek ik de hand uit naar alle raadsleden, een voor een en naar alle fracties om met hen samen eendrachtig te werken aan een gemeente die steeds mooier en beter wordt, maar ook rechtvaardig en betrouwbaar zal zijn.

Een Wassenaar dat niet de rug toekeert naar de omringende gemeentes, maar goed met hen samenwerkt. Daarom ook een uitdrukkelijke uitnodiging aan de buren zuidwaarts en noordwaarts, Den Haag en Leiden om hier te spreken, en ik dank de burgemeesters Deetman en Lenferink voor hun bereidheid dat te doen. U treft in Wassenaar een loyaal lid van Haaglanden dat daarin goed wil samenwerken, maar niet zich wil afsluiten van de Noorderburen. Ik reken daar onze directe buur Katwijk uitdrukkelijk toe, naast uiteraard ook Voorschoten. De bebouwing van voormalig vliegveld Valkenburg, waar ik nog markante persoonlijke herinneringen als Kamerlid aan bewaar, immers indiener van een motie hierover, is een zaak waarin compromissen gevonden moeten en kunnen worden. In die compromissen zal een balans gevonden moeten worden tussen de terechte wens het groene karakter van het gebied, als buffer tussen Leiden en de Haagse agglomeratie, te behouden en voldoende woningbouw te realiseren. Is het niet een goede Nederlandse gewoonte daar in redelijkheid uit te willen komen? Is het ook niet een goede Nederlandse gewoonte dat ook te doen met infrastructuurkwesties als de verbinding tussen de A4 en de A44, de zogenaamde Rijnlandroute Oost en de west-verbinding tussen Katwijk en A44? In samenwerking met andere bestuurslagen en de private sector moet daar uit te komen zijn, op een manier die het landschap spaart en de doorstroming bevordert. In de Randstad zitten we met zijn allen op een kluitje in de file, in een gebied dat, dat economisch eigenlijk niet kan hebben. Aan Wassenaar zal het niet liggen om een goede oplossing te vinden. En staat U mij dan maar toe in mijn prachtige werkkamer stilletjes te dromen over nog ambitieuzere plannen als de ondertunneling van de A44 of nostalgisch te mijmeren over de terugkeer van de blauwe tram Leiden-Den Haag, een onderwerp waar collega Lenferink wellicht vandaag niet te ruw mee geconfronteerd wil worden

Maar ook binnen de Wassenaarse grenzen willen wij een betrouwbare overheid zijn. Dat is gebleken uit de constructieve opstelling tegenover de vestiging in deze gemeente van de Amerikaanse Ambassade, die nu, mede dankzij de inspanningen van mijn ambtsvoorganger en het krachtige optreden van de Raad, een eind op streek is. Die open houding naar het buitenland en buitenlanders, met niet te vergeten de vele diplomatieke residenties, geeft nog eens aan hoezeer deze gemeente de groene partner is van Den Haag in de inspanningen tot verdere internationalisering. Den Haag juridische hoofdstad voor en van de Verenigde Naties (ik mocht er in een voor-voor-vorig leven aan meewerken bij de vestiging van de Chemische Wapens Organisatie), Wassenaar het eigenzinnige en eigensoortige groene broertje of zusje met veel Amerikanen en andere expats en andere buitenlanders binnen haar grenzen. Ik zie uit naar de samenwerking met collega Deetman en het Haagse college, maar natuurlijk ook naar die met de vrienden van mijn langjarige werkgever, Buitenlandse Zaken.

In deze gemeente wonen 25.696 mensen, en die wonen niet allen in villa´s of in de mooiste en duurste wijken van ons land. Het gemeentebestuur is er voor iedereen, zonder onderscheid. Dat geldt overigens naar twee kanten. Ik wil mij met het college graag sterk maken voor een sociaal Wassenaar waarin niemand langs de kant staat en waarin iedereen mee doet of mee kan doen. Dat betreft werk, maar ook deelname in vrijwilligerswerk, sport en spel, recreatie, onderwijs, jeugd-en ouderenzorg. De gemeente kan niet iedereen gelukkig maken, niet ieder´s verdriet wegnemen, maar daar wel zoveel mogelijk voorwaarden voor scheppen.

Wij doen dat niet met de kleine groep die het voorrecht heeft hier in dit prachtige raadhuis te werken. Een paar honderd meter hierachter werken iets meer dan 200 mensen in het gemeentekantoor aan de Johan de Wittstraat dagelijks aan de dienstverlening voor de burger. Een ingrijpende reorganisatie om te komen tot het nieuw Wassenaars model is qua besluitvorming achter de rug, maar in feite in de uitvoering nog niet klaar. Mijn voorganger heeft daar zijn beste krachten aan gegeven. Ik wil graag bijdragen aan een krachtig maar ook harmonieus proces van uitvoering waarbij naast de structuur, ook de cultuur van dienstverlening centraal staat. Wij zijn er voor mensen die iets van of met de gemeente willen. In dit dossier, maar ook in algemene zin, heb ik het volste vertrouwen in de nieuw aangetreden gemeentesecretaris, Annemiek Unk, die ik in deze eerste dagen als vertrouweling heb mogen ervaren. We zullen elkaar nodig hebben, ook in de onvermijdelijk mindere tijden.

Mijn goede oude vriend Thom de Graaf, die zo ontzettend goed op zijn plaats is als burgemeester van Nijmegen, waarschuwde mij vanaf het begin voor de eenzaamheid van het beroep van burgemeester. Zijn voorgangster Guusje ter Horst, nu Minister van BZK, had dat op haar beurt direct tegen hem gezegd. Ik denk, nog niet uit ervaring, dat dat waar is. Je bent als burgemeester een beetje van de raad, een beetje van het college, een beetje van het ambtelijk apparaat, een beetje van de regio, een beetje van de provincie en het Rijk, een beetje van de burgers. Dat schakelen in rollen en makelen tussen de partijen maakt deze baan zo machtig aantrekkelijk. U hoort mij ook niet klagen over de werkplek of de ambtswoning, als deze ooit nog asbestvrij zal worden gemaakt, en daar ziet het naar uit. Maar tegelijk kan de eenzaamheid je beknellen. Alsdan graag geen medelijden, maar wel meedenken en begrip. Je kan het nooit iedereen naar de zin maken, wel velen. Ik stel mij ook uitdrukkelijk beschikbaar als burgervader, met een luisterend oor, een kwinkslag of een welgemeende felicitatie. Geen ombudsman of de eeuwige beroepsinstantie, wel de antennes uit naar de lokale samenleving in al haar verscheidenheid: winkeliers, wijken, kerken, maatschappelijk middenveld. Duinrell, Duindigt, Kerkehout, het rode dorp, het strand, de landgoederen, ik hoop overal te komen. Ik zal dit onder andere invulling geven door het doen van wijkwandelen. Wijkwandelingen waar ik ook verslag van zal doen op mijn weblog dat ik zal gaan bijhouden. Hiermee hoop ik het bestuur dichter bij de Wassenaarders te brengen.

Waar wil ik op worden afgerekend op de termijn die daarvoor is gegeven?

Ik zou opperen de kwaliteit van de samenleving, politiek en maatschappelijke verbanden, maar ook het vermogen van de gemeente voldoende bestuurskracht op te brengen haar taken goed uit te voeren. Openbare orde en veiligheid zijn niet een vaststaand gegeven, gezonde gemeentefinanciën gaan niet vanzelf, en ik herhaal een goede dienstverlening moet een van de aansprekende resultaten zijn van de reorganisatie. In die processen passen politieke keuzes bij en na verkiezingen, maar zij zijn ook een constante van een gemeentebestuur dat terecht trots is op de status van een modern groen dorp in de Randstad.

Dames en Heren, ik begon met een passage over de gemeenteraad, en ik wil daar ook -bijna- mee eindigen. Nederland is een land met een levende lokale democratie. Als er een plek is om die beroemde of beruchte kloof tussen burger en bestuur te dichten is het wel die van het lokaal bestuur. Echter, de burger is

-gelukkig- geen uniform fenomeen. De één is grosso modo tevreden als de vuilniszakken goed worden opgehaald, de ander wil minder of soms meer lokale belasting betalen, en velen verlangen veel van de overheid zonder direct veel terug te willen doen: not in my backyard. In het dichtbevolkte Nederland en zeker in de Randstad is er een grote dichtheid aan bestuurlijke kwesties. Ik hoop met U, Raad, en U, College, Wassenaar als een betrouwbare en solide partner te helpen neerzetten. Als burgemeester wil ik specifiek vwb de Raad de uitdaging van de dualisering voluit aan gaan. De Raad heeft een eigen verantwoordelijkheid die ook tot uiting komt in de functie van raadsgriffier, met wie ik goed zal samenwerken. En naar raadsleden: mijn deur staat, niet altijd maar wel meestal, open en anders zoek ik U wel op.

In de genoeglijke omgeving van een horecagelegenheid, ergens in de polder, in de uitdagende gesprekken die ik mocht voeren met de vertrouwenscommissie heb ik, meen ik, het begrip jongensdroom genoemd. Tikje cliché waarvoor vergiffenis, maar wel waar. Het lokaal bestuur heeft naast de internationale dimensie altijd mijn belangstelling gehad. Het bericht over mijn verkiezing als raadslid in Leiden hoorde ik in New York bij de VN. Over die mooie stad zal ik uitkijkend over het groen en de vijver ook mooi kunnen mijmeren. Herinneringen pakt niemand je af.

Ik popel om aan de slag te gaan, zomer of geen zomer. U weet mij te vinden, en U mag mij aanspreken. Ook diegenen die zoals Piet Hein Schoute, eminent voorganger van 1986 tot 2000, mij spontaan bellen en advies geven: dank, en ga daar vooral mee door. Geaccumuleerde wijsheid is zoveel beter dan trial and error, maar laat U alstublieft mij de keuzes maken en soms misschien struikelen.

Als dat gebeurt, is er altijd nog een mild advies in hoger beroep: Marleen die mij met zachtmoedige volharding op het rechte pad houdt en van kostbaar advies voorziet. Daarin is ze een volmaakte burgemeestersvrouw en verwacht U daarenboven van haar met een eigen leven niet onredelijk veel arbeidsuren. Wij zullen met volle teugen van de Prinses Marielaan genieten maar ook van dit prachtige dorp: een groen juweel in de Randstad. Nog net geen kroonjuweel, maar ik had zo graag het noemen van D66 tot het laatst uitgesteld..

Dames en Heren, vorige week legde ik de eed af bij Commissaris van de Koningin Jan Franssen. Ik deed dat twee maal eerder als lid van de Staten Generaal. Dat is voor mij geen loze of betekenisloze formule. Integriteit is voor een bestuurder een sine qua non. Maar ook de vorm is voor mij van belang: bewust heb ik gekozen voor de eed in plaats van de gelofte. Dat is niet zozeer de verdienste van mijn nu bijna 90 jarige moeder en de tale Kanaans waarmee ik ben geïmpregneerd, maar ook een bewuste keuze van mijzelf. Zonder Gods genade over onze arbeid vaart geen mens wel.

Ik dank U voor Uw belangstelling en Uw geduld, en ik hoop daarop ook in de komende jaren te mogen blijven rekenen.

~~ 0 ~~

Snel naar...